|
De Groenendaeler, ook Groenendaler gespeld, is een van de Belgische herders. Hij is naar Groenendaal in de Belgische gemeente Hoeitaard bij Brussel vernoemd. Zoals alle Belgische herders wordt hij als bescherm- en gezinshond gebruikt. De kleur van de Groenendaeler is altijd zwart. Zijn schofthoogte is 58 tot 62 centimeter, zijn gewicht 20 tot 30 kilogram.
Groenendaelers zijn intelligente en attente honden. Zij zijn leergierig en in het algemeen aan hun baasje gehecht. Het is belangrijk om het zelfvertrouwen van deze hond van pup af aan op te bouwen. Men kan hem het beste overal mee naartoe nemen om hem vreemde dingen te leren kennen. De omgang met andere huisdieren en honden geeft geen problemen, als je hem vroeg aan deze dieren went. Tegenover vreemde mensen treden zij vaak gereserveerd op. In huis zal deze hond een rustig karakter hebben, als men hem buiten genoeg beweging geeft.
De Groenendaeler kan beter niet te veel gekamd of geborsteld worden, aangezien dit anders de dikke ondervacht zou kunnen beschadigen. Tijdens de rui kan een grofgetande kam wel goede diensten bewijzen.
Geschiedenis 1890. De heer "Nicolas Rose" bezat in Groenendael, 10 km. ten zuiden van Brussel, een gerenommeerd hotel "Chateau de Groenendael". Als hondenliefhebber bezat hij verschillende langharige herdershonden waaronder de zwarte teef "Petite" die op de tentoonstelling van Cureghem in 1892 de eerste plaats behaalde bij de zwarte langharige herdershonden. Hij kocht van een schaapherder uit Ukkel de prachtige zwarte reu "Picard d'Uccle" die een uitmuntende schaaphoeder was. De kruisingen tussen "Petite" en "Picard d'Uccle" gaven allen prachthonden met een lange zwarte vacht en een grote werklust. De meest bekende afstammelingen waren zeker "Duc de Groenendael", "Margot de Tournai", "Baronne", "Mirza", "Carlo", "Nette" en "Housière". Petite stierf in 1898. Mei 1893. De kruising tussen "Picard d'Uccle en "Petite" gaf o.a de teef "Baronne", die in 1897 de eerste prijs op de tentoonstelling van Brussel behaalde. Een tweede teef uit deze nest was "Mirza" die door de heer Smets uit Boschvoorde werd gekocht. 2 juli 1893. Uit een volgende paring van "Picard d'Uccle met "Petite" kwam de teef "Housière". 1894.
De kruising van "Picard d'Uccle en "Nette" gaf o.a de reu "Carlo". Ook deze reu werd aangekocht door de heer Smets uit Boschvoorde, met de bedoeling te fokken in deze bloedlijn. Tussen 1895 en 1899 leverden de paringen tussen "Carlo" en "Mirza", 3 nesten van 10 honden elk op. Dus van deze tak waren er 30 nakomelingen. 1894. De kruising van "Picard d'Uccle" en "Petite" gaven ditmaal aan de heer Rose, de teef "Margot de Tournai". April 1897. De kruising van "Picard d'Uccle"en dochter "Margot de Tournai" gaven 9 pups. In 1897 werd vader "Picard d'Uccle" met de dochter "Baronne de Tournai " gekruist. In 1897 werden ook "Duc de Groenendael" met zijn halfzusters "Houstière de Tournai" en "Margot" gekruist. De statigheid, pracht en werklust die deze dieren uitstraalden gaven ze een enorme populariteit zodat de vraag naar pups het aanbod sterk overtrof. Sterke selectieve inteelt versterkten nog de erffactoren zodat die ook bij de nakomelingen sterk aanwezig waren.
{mosgoogle}
Anderen volgden zeer snel het voorbeeld van Nicolas Rose en kochten bij hem fokdieren. De langharige zwarte herders zoals die van "Chateau Groenendael" uit "Groenendael" gelijkende op de hond "Duc de Groendael" kregen de naam, rarara "Groenendael"! Hieronder nog een overzicht van de inteelt: # Picard d'Uccle x Petite = Duc de Groenendael (dekreu) # Picard d'Uccle x Petite = Margot de Tournai (teef) # Picard d'Uccle x Petite = Housière (teef) # Picard d'Uccle x Petite = Baronne en Mirza # Picard d'Uccle x Margot de Tournai = 9 pups uit eerste dekking # Picard d'Uccle x Nette = Carlo (dekreu) # Picard d'Uccle x Baronne # Duc de Groenendael x Housière # Duc de Groenendael x Margot de Tournai Ook andere bloedlijnen ontstonden, maar steeds was er wel een hond van de heer Rose in terug te vinden. Rond 1900 maakte de Groenendaeler "Pek Zwet" (dialect voor diep zwart) furorie. De paring met een achternicht van "Picard d'Uccle" bracht de viervoudige kampioen "Demon de l'Enfer" voort.
Verder zag men naast de Mechelaar nu ook de Groenendael verschijnen als politiehond en africhtingshond. In 1903 gaf het politiecorps van St.Gilles-Brussel onder de leiding van commissaris Coppens een demonstratie te Mechelen met Groenendaelers. Hun "Satan" maakte diepe indruk. De Groenendaeler "Jules" verwierf in deze periode een tiental eerste prijzen bij africhtings- wedstrijden en was vier jaar na mekaar de kampioen bij de Internationale Africhtingskampioen- schappen te Parijs (1908-1911) De eerste en tweede wereldoorlog waren rampen voor de Belgische herders. Indien de fokdieren niet gedood werden, dan waren ze gestolen en naar Duitsland gevoerd. Gelukkig bleven er steeds enkele dieren over van de oorspronkelijke bloedlijn. Kennels zoals "du Mont-Sara" en "de l'Infernal" hebben veel bijgedragen tot het herstel van het ras.
Door veel geduld, inteelt en selectie werden de Belgische herders heropgefokt. - Een afbeelding uit de 19e eeuw van een zwarte langharige Belgische herder vertoonde duidelijk een witte vlek op de borst en aan de tenen. - De honden van Nicolas Rose hadden allen de witte borstvlek. Het is dus normaal dat in de nakomelingen de witte vlek ook aanwezig was. - Professor REUL koos in 1892 voor de "goede" Groenendaeler een dier met de witte borstvlek. - Desondanks deze "adelbrieven" voor de witte borstvlek hebben door de jaren fokkers getracht om ze eruit te krijgen en tot een volledige zwarte vacht te komen. -
Welk standpunt je ook inneemt,met of zonder witte vlek, beiden is volgens de standaard. De Rasstandaard voor Belgische Herders
|